vrijdag 17 april 2026

toute la sainte journée

de godganse dag
('de hele heilige dag')

Vandaag is voor mij een heilige dag (sainte journée). Precies vijf jaar geleden verwisselde mijn moeder het tijdelijke voor het eeuwige. Zij voldeed vast niet aan alle eisen die het Vaticaan zou stellen om iemand heilig te verklaren en waarschijnlijk zou ze dat ook niet gewild hebben (zeker niet door het Vaticaan), maar voor mij was zij de belangrijkste vrouw in mijn leven en bij heiligen wordt niet de geboorte- maar de sterfdag gevierd (zoals 6 december voor Sinterklaas). Dit gezegd zijnde, gaat de uitdrukking van vandaag natuurlijk niet om het herdenken van mensen, heilig of niet, maar gaat het om de lengte van de dag, om het feit dat je de godganse dag zonder ophouden iets gedaan hebt wat je misschien liever niet gedaan had: de godganse dag gewerkt bijvoorbeeld. Maar waarom die religieuze connotatie bij iets wat je eigenlijk misschien als negatief ervaart? Mijn eerste associatie was de zondag, die ik vroeger erg saai vond. Hoe saai moet die dag ervaren zijn door mensen met een orthodox-protestantse achtergrond, die de hele dag alleen maar mochten wijden aan het eren van God en niet aan andere dingen? Of gaat het om het feit dat je ondanks dat je je misschien beklaagt om het feit dat je de godganse dag met iets bezig bent geweest, je God moet danken dat deze dag je gegeven is?
Ik heb vannacht te kort geslapen, dus ik heb een lange dag voor me. Dat betekent in ieder geval dat ik de godganse dag de tijd heb om mijn lieve moeder te gedenken...

volgende keer:
hebben we de laatste aflevering van de inclusiviteitscampagne van Randstad...

Geen opmerkingen:

Een reactie posten