 |
Sorry, suppoost van de duivel! Ik heb op de grond een cirkel van zout getrokken, zodat jouw noodlottige krachten niet kunnen wer... |
een suppoost van de duivel / een duivelskind / een helleveeg
 |
Men mag zich afvragen waar bepaalde volksuitdrukkingen vandaan komen, bijvoorbeeld suppôt de Satan: - Satan! Tijd voor je zetpil! - Nu? |
Bij het woord 'suppoost' denken wij tegenwoordig aan iemand die surveilleert in een museum, in het Frans een
gardien of een
surveillant, maar het is ook het woord voor 'handlanger, dienaar', in ons geval hebben we het dus over een handlanger van de duivel, of een duivelsdienaar. Het komt van het Latijnse werkwoord
supponere ('onderplaatsen'), en daarmee is een
suppôt dus een ondergeschikte, net als een
suppositoire ook letterlijk 'van onderen geplaatst' wordt. Dat is namelijk een zetpil. Dit meerlettergrepige woord wordt in het gangbare Frans meestal afgekort tot
suppo, zodat de uitdrukking van vandaag klinkt als 'Satans zetpil'. In de legendes over de duivel, handelt dit kwaadaardige wezen niet in zijn eentje, maar wordt hij bijgestaan door een leger demonen.
Weer even terug naar de betekenis van het woord
suppôt. In de dertiende eeuw werd het woord gebruikt in de betekenis van 'vazal' of 'onderdaan'. In de zeventiende eeuw, toen het feodale stelsel langzaam aan het verdwijnen was, ging het 'ondergeschikte (werknemer)' betekenen en al snel kreeg het de pejoratieve betekenis van 'aanhanger van een slechte zaak'. En zo ontstond in de achttiende eeuw de uitdrukking die we vandaag behandelen, de 'duivelsdienaar'.
volgende keer:
luisteren we naar een zigeunerjongen... of juist niet?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten